Een zonsverduistering zien vanaf de maan

Gisteren werden Chili en Argentinië in vervoering gebracht door de zonsverduistering aldaar. De totaliteitszone liep onder andere over de sterrenwacht La Silla van de ESO (European Southern Observatory).

Maar er was ook een kleine Chinese satelliet die de schaduw van de maan over de Aarde zag trekken vanaf .. de maan. De 45kg wegende Longjiang-2 (ook wel DSLWP-B) heeft een Saoedische camera die de gebeurtenis in beeld bracht.

De beelden kwamen onder andere binnen met de Dwingeloo radiotelescoop. Je kunt nieuwe beelden van Longjiang-2 op deze Chinese site vinden (niet via Dwingeloo binnen gekomen overigens).

Jason Major maakte deze animatie van beelden van de weersatellieten GOES-16 en 17.

Curiosity filmde zonsverduisteringen op Mars

Zonsverduisteringen komen ook op Mars voor. Of misschien moet je het “maansovergangen” noemen. Want in tegenstelling tot een totale zonsverduistering door onze maan, zijn Phobos en Deimos niet groot genoeg om de zon te bedekken. Je zult er dan ook geen corona zien, zoals dat bij totale zonsverduisteringen op Aarde wel het geval is.

PIA23133
De zonsverduistering door Phobos.
PIA23134.gif
De verduistering door Deimos.

Hoe dan ook, vorige maand filmde de Curiosity rover de overgangen van Phobos op 26 maart (of sol 2359) en Deimos op 17 maart (of sol 2350). En dat leverde meer dan mooie plaatjes op. Op deze manier kunnen ook de banen van beide manen bepaald worden. Je zou denken dat die goed genoeg bekend zijn, maar door invloeden van de zwaartekracht van Mars, Jupiter en beide manen op elkaar veranderen die steeds een klein beetje.

Phobos is twee-en-half keer zo klein als Deimos, maar Deimos staat veel verder van Mars. Daarom

Ook filmde een van de navigatie camera’s de schaduw van Phobos. Je ziet wel dat het donkerder wordt.

PIA23135.gif

Dit was overigens niet de eerste keer dat een verduistering van de zon op Mars gezien werd. In 2004 fotografeerde Opportunity een overgang van Phobos en in 2013 zag Curiosity Phobos eveneens voor de zon gaan.

 

Bronnen:

https://www.jpl.nasa.gov/news/news.php?feature=7366