China overweegt Voyager-achtige missie die o.a. Neptunus aan doet.

De planeet Neptunus is maar een keer door een ruimtesonde bezocht. Dat was Voyager-2 in 1989. Wetenschappelijk gezien is er genoeg reden om terug te gaan: de onverwacht felle stormen van Neptunus en de maan Triton met zijn retrograde baan en zijn geisers. En niet te vergeten het feit dat zoveel exoplaneten Neptunussen blijken te zijn. Wat maakt Neptunus zo speciaal?

Van tijd tot tijd steken nieuwe plannen de kop op om de verre blauwe planeet te gaan bezoeken. Maar voor alsnog is geen nieuwe missie geselecteerd. Tenminste, niet bij NASA. Maar misschien lukt dat wel in China. Daar heeft men aangekondigd plannen te maken om Neptunus te gaan bezoeken. Het is onderdeel van een plan om twee satellieten het zonnestelsel uit te sturen.

Deze ambitieuze missie wordt (in het Engels) IHP, ofwel Interstellar Heliosphere Probe genoemd. Ze moeten de heliosfeer gaan onderzoeken, de regio rond de zon waar deeltjes van de zonnewind overheersen. Slechts twee ruimtesondes hebben tot nu toe gegevens naar Aarde gestuurd toen ze de heliosfeer verlieten: Voyager-1 en 2.

De twee IHP satellieten moeten in twee verschillende richtingen gestuurd worden. IHP-1 moet in 2024 naar de kop van de heliosfeer gaan. Wetenschappers denken dat de heliosfeer een komeet-achtige staart heeft. In die richting moet IHP-2 gaan vliegen. Beide satellieten zullen de nodige instrumenten bij zich hebben om het magnetisch veld, deeltjes en plasma te meten. Maar ook zullen ze een camera bij zich hebben.

20191112_IHP-spacecraft-1-heliosphere-head.jpg
Het voorgestelde vluchtschema van IHP-1 dat onlangs gepresenteerd werd op een astronomisch congres in Geneve (afbeelding: Zong Quigang)

Het wordt een missie van lange adem. IHP-1 vliegt eerst twee keer langs Aarde en komt dan in 2029 langs Jupiter voor een slinger van zijn zwaartekrachtveld. In 2049 moet de ruimtesonde dan de grenzen van de heliosfeer bereiken. IHP-2 vliegt in 2033 langs Jupiter en komt in 2038 langs Neptunus. De satelliet zal dan een kleine sonde loslaten die in de atmosfeer van Neptunus duikt. De inslag ervan wordt door het moederschip waargenomen. Mogelijk bezoekt IHP-2 daarna ook nog een Kuipergordel object.

20191112_IHP-spacecraft-2-heliosphere-tail.jpg
(Afbeelding: Zong Quigang)

Het IHP programma is nog niet officieel goedgekeurd, maar de Chinese wetenschappers denken dat die goedkeuring in 2020 of 2021 gegeven kan worden. Om het lot een handje te helpen bereikt een van de sondes een afstand van 100 AU (100 keer de afstand Aarde-zon) tijdens het honderdjarig bestaan van de Volksrepubliek China in 2049.

Bron:

https://www.planetary.org/blogs/guest-blogs/china-voyager-like-interstellar-mission.html

Coverafbeelding: NASA

 

Neptunus heeft een 14e maan: Hippocamp

Er is een nieuwe maan ontdekt bij Neptunus. Daarmee komt het totaal van het aantal manen op 14. Het nieuwe maantje, Hippocamp genoemd, is heel klein. Slechts 34 kilometer. Er was een speciale techniek voor nodig om hem te ontdekken. Twaalf jaar aan beeldmateriaal van de Hubble Space Telescope zijn gebruikt om – als het ware – de gereflecteerde fotonen ervan op te sparen.

Hippocamp is mogelijk een oud fragment van een andere maan, Proteus, dat loskwam na een inslag. Hippocamp’s baan zit in de buurt van Proteus (12.000 km er vandaan). Proteus heeft een grote inslagkrater, Pharos. Als je berekent hoeveel materiaal vrijkwam van die inslag, dan zou Hippocamp daar onderdeel van geweest kunnen zijn. De ontdekker van Hippocamp, Mark Showalter van het SETI Institute, denkt dat er nog meer manen dicht bij Neptunus zitten. Deze zouden ontstaan zijn tijdens de tumultueuze tijd toen de grote maan Triton ingevangen werd.

https://eos.org/articles/new-tiny-moon-of-neptune-discovered

https://phys.org/news/2019-02-neptune-tiniest-moon-piece-bigger.html

Hubble ziet stormen op Uranus en Neptunus

Af en toe wordt de Hubble Space Telescope gericht op Uranus en Neptunus om het weer in de gaten te houden. Niet voor Buienradar, maar om te leren hoe het klimaat op die planeten werkt. Zeker nu we weten dat er veel exoplaneten zijn zoals Uranus en Neptunus is dat interessant. Waarom juist die?

En hoe is dat weer nu daar? Op Neptunus is een nieuwe donkere storm opgestoken (rechter foto, linksboven). De lichtere vlekken links en rechts van de donkere vlek overigens geen onderdeel van deze storm. Het zijn ijle wolken die zonlicht reflecteren. We weten niet hoe deze stormen ontstaan. Wel dat ze om de 4 tot 6 jaar ontstaan en na ongeveer twee jaar verdwijnen.

Dan Uranus. Dat leek zo’n saaie planeet toen Voyager 2 er in 1986 langs vloog. Maar kijk nu eens (linker foto): de noordpool is omgeven met een enorm wolkendek. Uranus is anders dan alle andere planeten door zijn vreemde rotatiehoek, die bijna loodrecht op het vlak van zijn baan om de zon ligt. Op dit moment gaat het zomeren op de noordpool. Misschien dat dat iets te maken heeft met deze wolkenbedekking. Aan de rand van de wolkenkap, is een kleine methaanijs-wolk te zien. Er is ook nog een nauwe wolkenband, dicht bij de evenaar. Hoe die ontstaat, dat weten we niet.

Naast Hubble worden Uranus en Neptunus ook in de gaten gehouden door amateur astronomen. Zo werd waarneemmateriaal van twee leden van onze werkgroep vorig jaar zelfs in een wetenschappelijk artikel gebruikt.

Bron:

http://hubblesite.org/news_release/news/2019-06