China wil asteroïde en komeet bezoeken

Zoals ik afgelopen zaterdag in mijn presentatie “Het ontstaan van ons zonnestelsel” vertelde, interesseren astronomen zich de laatste jaren erg in kleine objecten zoals asteroïden en kometen. Het materiaal waaruit ze bestaan is vrijwel onveranderd sinds het zonnestelsel vormde. Niet voor niets zijn er op dit moment twee ruimtesondes bij asteroïden om er monsters van te nemen en die terug te brengen naar Aarde (Hayabusa 2 en OSIRIS-REx). Ook China wil in de toekomst een monster nemen van een asteroïde.

De Chinese ruimtevaartorganisatie (CNSA) wil in 2022 een missie sturen naar de asteroïde 469219 Kamoʻoalewa (of 2016HO3). Dit is een 41 meter grote “quasi-satelliet” van de Aarde: Kamoʻoalewa verblijft soms in een hoefijzervormige baan bij de Aarde. De Aarde heeft vijf van zulke begeleiders. Kamoʻoalewa zal de kleinste asteroïde zijn die ooit bezocht is. China heeft buitenlandse wetenschappelijke instituten gevraagd om instrumenten voor te stellen voor het onderzoek. Er zouden eventueel ook kleine landers mee kunnen.

De missie moet ook monsters gaan nemen die naar Aarde gebracht wordt in 2024. Daarna zal het doorgaan naar komeet 133P/Elst–Pizarro. Dit is een object in de asteroïdengordel die lijkt aan de ene kant op een asteroïde, maar het heeft ook een komeetachtige staart gehad. ESA had eerder een missie ontworpen om dit object te bezoeken, maar deze werd uiteindelijk niet geselecteerd.

 

Bronnen:

https://forum.nasaspaceflight.com/index.php?topic=47991.0

https://www.space.com/china-asteroid-sample-return-comet-mission-2022.html

http://www.xinhuanet.com/english/2019-04/18/c_137988625.htm

Coverafbeelding: NASA/JPL

Hayabusa 2 gaat 18 februari een monster nemen van Ryugu

De Japanse ruimtesonde Hayabusa 2 gaat 18 februari een poging doen om een monster te nemen van de asteroïde Ryugu. Hayabusa 2 is in staat stof van het oppervlak op te pikken met een 1 meter lange hoorn, maar zoals eerder vermeld, is Ryugu net een rotsentuin. Het is erg lastig om stof tussen deze rotsen op te pikken. Toch hebben de missieplanners een plek gevonden van 20 meter breed, waar ze een poging gaan wagen.

ryugu_landingsplaats
Het rode gebied is de primaire landingsplaats. De groene is de reserve optie. De satelliet linksonder staat erbij voor schaal.

Deze plek heeft wel allemaal rotsen van ongeveer 60 cm grootte, dus er is ook een reserve-landingsplaats bepaald. Die is op zijn nauwst 6 meter breed. Net zo breed als de satelliet zelf. Er omheen liggen grotere rotsen, dus het is bijna inparkeren geblazen. Maar dan met een satelliet 354 miljoen kilometer ver weg, waarvan het team op Aarde de positie op 1 meter nauwkeurig weet. Als ze een commando naar Hayabusa 2 sturen, duurt het 20 minuten met de lichtsnelheid voor dat aan komt, dus de satelliet moet deze actie volledig autonoom uitvoeren.

Inmiddels hebben rotsen en kraters op Ryugu officiële namen gekregen. Ze zijn genoemd naar kinderverhalen, vooral uit Japan. Het 130 meter grote rotsblok op de zuidpool heet nu Otohime Saxum, genoemd naar de princes in het verhaal van Ryugu (Saxum is Latijns voor rots). De naam Alice’s Wonderland is nog niet officieel bevestigd. Namen uit Peter Pan moesten geschrapt worden wegens copyright issues.

Bronnen:

http://www.planetary.org/blogs/jason-davis/hayabusa2-updates-sample-collection.html

http://www.hayabusa2.jaxa.jp/enjoy/material/press/Hayabusa2_Press20190108_ver4_en3.pdf

Dawn missie ten einde.

In deze week is nog een zeer productieve NASA missie ten einde gekomen: Dawn. Dawn is de eerste ruimtesonde die in een baan gedraaid heeft om twee hemellichamen: Vesta en Ceres. Dawn werd in 2007 gelanceerd. In 2011 kwam het in een baan rond Vesta. Vesta is het tweede grootste hemellichaam in de asteroïdengordel. Na Vesta in kaart gebracht te hebben, verliet Dawn dit hemellichaam in 2012.

In 2015 kwam Ceres in beeld. Ceres is een vrij donker object, maar er waren twee plekken die beduidend lichter waren: de “bright spots”. Dat was een van de verrassingen die Ceres in petto had. Ceres bleek bij nader onderzoek mogelijk een oceaan onder het oppervlak te herbergen, compleet met restanten van ijsvulkanisme. De “bright spots” bleken achtergelaten zouten van zulk vulkanisme. Het vermoeden rees dat Ceres niet van de asteroïdengordel afkomstig was, maar dat het ooit uit de Kuipergordel gekomen is.

Missieplanners wisten dat de brandstof van Dawn’s standregelingsysteem aan het opraken was. Ze besloten dit jaar nog een keer voor maximaal resultaat te gaan en de satelliet in een baan te parkeren waarbij het op het laagste punt op slechts 35 km hoogte over het oppervlakte scheerde. Zo wist Dawn nog foto’s te maken van de Occator krater (de locatie van de “bright spots”) met een resolutie van enkele meters.

Dawn was een missie in NASA’s Discovery klasse: dit zijn missies die veel goedkoper zijn dan traditionele missies, zoals bijvoorbeeld Cassini. Je kon soms merken dat Dawn tegen zijn beperkingen aan liep. Zeker omdat Ceres zo’n ander object was dan iedereen dacht. De vindingrijkheid van de wetenschappers en technici van Dawn zorgde ervoor dat toch veel vragen beantwoord konden worden. De interesse in Ceres is zeker gewekt.

Bron:
https://www.nasa.gov/press-release/nasa-s-dawn-mission-to-asteroid-belt-comes-to-end