Bracht de inslag van protoplaneet Theia het water op Aarde?

Net als je denkt dat we een beetje een idee hebben van waar het water op Aarde vandaan komt, verschijnt er weer een andere theorie. Astronomen van de Universiteit van Münster opperen dat de protoplaneet Theia, die ongeveer 20 miljoen jaar na het ontstaan van de Aarde op onze planeet botste, water meegebracht kan hebben.

Aanvankelijk werd gedacht dat Theia, een planeet ter grootte van Mars, afkomstig was van het binnenste deel van ons zonnestelsel. Dat zou dan beteken dat Theia rotsachtig was. Hoe zit dat? Nou, de planeten zijn ontstaan uit een schijf van stof en gas die rond de jonge zon draaide. Alleen was de zon toen veel actiever van nu, waardoor het binnenste deel van die stofschijf (binnen de zongenaamde “snow line”) flink verhit werd. Daardoor werd water in die regio verdampt en daarom bestaan de binnenplaneten voornamelijk uit ijzer en rots.

Dit nieuwe wetenschappelijke artikel komt met bewijs dat Theia van het buitenste deel van ons zonnestelsel afkomstig is (buiten de “snow line”). Hoe hebben ze dat achterhaald?

De astronomen hebben hiervoor gekeken naar isotopen van molybdeen. Aan de hand van molybdeen isotopen kan een onderscheid gemaakt worden tussen materiaal van de buitenste regionen van ons zonnestelsel en het binnenste deel. Het geeft een soort van vingerafdruk waar in ons zonnestelsel materiaal vandaan kwam. Dat hebben we geleerd van meteorieten.

Molybdeen bevindt zich bovendien graag in de buurt van ijzer. Toen de Aarde nog jong en voornamelijk vloeibaar was, vertrok ijzer naar de kern van de Aarde, waar het zich nog altijd bevindt. Volgens de theorie zou molybdeen meeverhuisd zijn met het ijzer naar de binnenkant van de Aarde. Er is echter ook molybdeen in de korst van de Aarde, dus het idee is dat dat later is aangekomen. Dat heeft echter andere molybdeen isotopen.

Als Theia inderdaad van het buitenste deel van ons zonnestelsel afkomstig is, dan bevatte het waarschijnlijk ook het nodige water. Het zou betekenen dat Theia niet alleen ons van een maan voorzag, maar ook nog eens water bracht.

Bron:

https://www.universetoday.com/142290/the-collision-that-created-the-moon-might-have-also-brought-water-to-the-early-earth/

De laatste 290 miljoen jaar kwamen er beduidend meer asteroïden onze kant op.

De laatste 290 miljoen jaar laten meer inslagen op Aarde en de maan zien, dan de 350 miljoen jaar ervoor. Het gaat om een belangrijke stijging in het aantal inslagen: 2,6 keer meer. Wetenschappers gingen er oorspronkelijk van uit dat er op Aarde minder kraters met een leeftijd tussen 650 en 300 miljoen jaar te vinden waren, omdat ze geërodeerd waren. Een team van astronomen besloot daarom de maan eerst te onderzoeken. Maar eerst moesten ze de leeftijden van maankraters vast zien te stellen.

Dat werd mogelijk dankzij een radiometrisch instrument aan boord van NASA’s Lunar Reconnaissance Orbiter, die in 2009 in een baan rond de maan kwam. Dat instrument meet de warmte die gesteente uitstraalt. Het doet die metingen aan de nachtzijde van de maan. Rotsen geven veel meer warmte af dan gruis. Zo hebben ze kunnen bepalen hoe snel rotsen die door inslagen worden weggeschoten tot stof vergaan als gevolg van micrometeorieten. Nu konden ze met hetzelfde instrument de leeftijden van kraters bepalen. Daaruit bleek de verhoging van inslagen in de laatste 290 miljoen jaar.

Maar gold dit ook voor de Aarde? Hiervoor wenden zij zich tot zogenaamde kimberliet pijpen, die zijn achtergelaten door lang uitgedoofde vulkanen. Men onderzocht kimberliet pijpen in een gebied in Canada en kon hiermee aantonen hoe snel erosie plaats vindt. Het bleek dat 650 miljoen jaar oude kimberliet pijpen weinig erosie ondergaan hadden. Dit wijst erop dat zulke oude kraters nog best intact zouden kunnen zijn.

Hoe verklaren de wetenschappers deze verhoging in inslagen? Daar hebben ze nog geen antwoord op. Ze vermoeden dat er zo’n 300 miljoen jaar geleden een botsing is geweest in de asteroïdengordel, dat onze kant op gekomen is.

https://phys.org/news/2019-01-scientists-moon-craters-earth-impact.html

Grote inslagkrager ontdekt onder ijskap Groenland.

Onder het ijs van Groenland is een 31 km grote krater gevonden en is daarmee een van de 25 grootste kraters op Aarde. Hoe lang geleden deze inslag precies is geweest, is nog moeilijk te zeggen. De krater is geologisch gezien vrij jong: ergens tussen 3 miljoen en 12.000 jaar oud. Daar zit een grote marge tussen. Er ligt dan ook 1 km laag ijs bovenop. De krater is uiteindelijk gevonden dankzij radarmetingen. Ook gletsjerwater dat van onder de ijskap is gestroomd laat “geschokte kwarts” zien ofwel kwarts dat een flinke inslag heeft gehad.

We weten dat dit een vrij jonge krater is, omdat het nog een duidelijke kraterrand heeft en er zijn ook kraterpieken gevonden. Erosie zorgt er op Aarde voor dat kraters relatief snel vervagen. Continue reading “Grote inslagkrager ontdekt onder ijskap Groenland.”