Curiosity rover onderzoekt gebied met veel klei

Hier op deze blog is het al een tijdje stil rond de Mars-rover Curiosity. Onterecht. Curiosity is onlangs in een gebied terecht gekomen, dat astronomen hoog op hun verlanglijstje hadden staan toen ze de missie voor Curiosity opstelden: een gebied met veel klei. Klei vormt vrijwel altijd bij aanwezigheid van water. En Curiosity heeft een lab aan boord waarmee aangeboorde monsters van die klei onderzocht kunnen worden.

Curiosity heeft twee keer een monster aangeboord. De eerste keer op een steen die de naam “Aberlady” kreeg. Maar de boor zorgde ervoor dat de steen opgetild werd. Omdat het team niet zeker was of het monster wat ze verkregen hadden van de steen was of het zand eronder, gooiden ze het monster weg en probeerden het een tweede keer.

aberlady-before-and-after.gif
Het resultaat van de boorpoging op de steen genaamd “Aberlady”. Animatie gemaakt door Emily Lakdawalla.

Dit monster, geboord van een nabijgelegen steen genaamd “Kilmarie”, was wel goed en is inmiddels onderzocht in het lab (Sample Analysis at Mars). Het kost nog wel even tijd voor we de resultaten van die analyse te horen krijgen.

 

 

 

 

20190528_sol2410_clouds2.gif
Een animatie van lichtende nachtwolken gefotografeerd op sol 2410 (18 mei 2019) en gemaakt door Justin Coward.

Curiosity is zich niet alleen aan het richten op de grond, maar ook op de lucht. Het heeft lichtende nachtwolken gefotografeerd. Vanuit Nederland kunnen rond deze tijd soms (Aardse) lichtende nachtwolken gezien worden. Het zijn wolken op grote hoogte (70-80 km) die onder speciale condities vormen. Curiosity heeft ze eerder waargenomen op Mars. Om ze te fotograferen is wel 10 tot 70 seconden sluitertijd nodig, vandaar dat ze wat spectaculairder lijken.

20190410_2356MH0007210010804566C00_DXXX_stitch_scalebar.jpg
Een mozaiek van afgeronde kiezeltjes gemaakt op sol 2356 (24 maart 2019) van een gebied genaamd Glen Torridon. De opmerkelijk afgeronde steentjes wijst erop dat er behoorlijk wat water gestroomd moet hebben. Foto bewerkt door Emily Lakdawalla.

 

Bronnen:

http://www.planetary.org/blogs/emily-lakdawalla/2019/curiosity-update-sols-2313-2387.html

https://www.nasa.gov/feature/jpl/nasas-curiosity-mars-rover-finds-a-clay-cache

http://www.planetary.org/blogs/emily-lakdawalla/2019/curiosity-noctilucent-clouds.html

De naam Gonggong wint competitie voor naam Kuipergordelobject 2007 OR10

Drie astronomen vroegen het publiek om te stemmen op de naam van Kuipergordelobject 2007 OR10. Ze kregen 280.000 inzendingen en deze week werd de uitkomst bekend gemaakt. De winnaar, met enige afstand, is Gonggong.

De Internationale Astronomische Unie (IAU) beslist over de uiteindelijke naam. De drie astronomen, Meg Schwamb, Mike Brown en David Rabinowitz gaan een voorstel indienen voor het Committee for Small-Body Nomenclature van de IAU.

2007 OR 10 heeft ook een maan. Misschien dat we nog een kans krijgen die een naam te geven.

Bron:

http://www.planetary.org/blogs/guest-blogs/2019/or10-vote-results.html

 

 

Bracht de inslag van protoplaneet Theia het water op Aarde?

Net als je denkt dat we een beetje een idee hebben van waar het water op Aarde vandaan komt, verschijnt er weer een andere theorie. Astronomen van de Universiteit van Münster opperen dat de protoplaneet Theia, die ongeveer 20 miljoen jaar na het ontstaan van de Aarde op onze planeet botste, water meegebracht kan hebben.

Aanvankelijk werd gedacht dat Theia, een planeet ter grootte van Mars, afkomstig was van het binnenste deel van ons zonnestelsel. Dat zou dan beteken dat Theia rotsachtig was. Hoe zit dat? Nou, de planeten zijn ontstaan uit een schijf van stof en gas die rond de jonge zon draaide. Alleen was de zon toen veel actiever van nu, waardoor het binnenste deel van die stofschijf (binnen de zongenaamde “snow line”) flink verhit werd. Daardoor werd water in die regio verdampt en daarom bestaan de binnenplaneten voornamelijk uit ijzer en rots.

Dit nieuwe wetenschappelijke artikel komt met bewijs dat Theia van het buitenste deel van ons zonnestelsel afkomstig is (buiten de “snow line”). Hoe hebben ze dat achterhaald?

De astronomen hebben hiervoor gekeken naar isotopen van molybdeen. Aan de hand van molybdeen isotopen kan een onderscheid gemaakt worden tussen materiaal van de buitenste regionen van ons zonnestelsel en het binnenste deel. Het geeft een soort van vingerafdruk waar in ons zonnestelsel materiaal vandaan kwam. Dat hebben we geleerd van meteorieten.

Molybdeen bevindt zich bovendien graag in de buurt van ijzer. Toen de Aarde nog jong en voornamelijk vloeibaar was, vertrok ijzer naar de kern van de Aarde, waar het zich nog altijd bevindt. Volgens de theorie zou molybdeen meeverhuisd zijn met het ijzer naar de binnenkant van de Aarde. Er is echter ook molybdeen in de korst van de Aarde, dus het idee is dat dat later is aangekomen. Dat heeft echter andere molybdeen isotopen.

Als Theia inderdaad van het buitenste deel van ons zonnestelsel afkomstig is, dan bevatte het waarschijnlijk ook het nodige water. Het zou betekenen dat Theia niet alleen ons van een maan voorzag, maar ook nog eens water bracht.

Bron:

https://www.universetoday.com/142290/the-collision-that-created-the-moon-might-have-also-brought-water-to-the-early-earth/

Materiaal Diepenveen meteoriet lijkt op asteroïde Ryugu

In Nederland zijn maar 6 bekende meteorieten ingeslagen. Een ervan viel in 27 oktober 1873 in het Overijsselse Diepenveen naast een landarbeider en zijn vrouw. De meteoriet is pas weer in 2012 herontdekt, mede dankzij Werkgroep Maan en Planeten lid Henk Nieuwenhuis, en daarna onderzocht. De meteoriet vertoont mogelijk overeenkomsten met de asteroïde Ryugu, die de Japanse Hayabusa 2 aan het onderzoeken is.

De meteoriet kwam aanvankelijk terecht bij de dorpsonderwijzer in Diepenveen en later bij het Rijks HBS in Deventer. Nadat het er jaren op zolder lag, ging het bijna verloren. Maar gelukkig redde een van de docenten deze bijzondere steen. Daar lag het jarenlang op de schoorsteenmantel. De docent gaf het later aan een vriendin van de familie. Die vriendin kwam elke zomer op een camping naast Henk Nieuwenhuis, die toen conservator van het Eise Eisinga planetarium was. Via Henk is het balletje gaan rollen.

 

De gitzwarte meteoriet is een koolstofchondriet. Chondrieten zijn steenachtige niet-metallische meteorieten die niet gesmolten zijn in het hemellichaam waarvan ze oorspronkelijk vandaan komen. De Diepenveen meteoriet is van het CM-type. De M staat voor de plaats Mighei in de Oekraïne, waar een bekend exemplaar van dit type gevonden is. Chondrieten van het CM-type bevatten organische stoffen, zoals aminozuren, purine en pyrimidine.

De Diepenveen meteoriet is onderzocht door een team van 26 onderzoekers en er is nu een wetenschappelijk artikel uit, met Marco Langbroek van Naturalis Biodiversity Center als eerste auteur. Uit onderzoek blijkt dat het materiaal in de meteoriet meerdere inslagen meegemaakt heeft, waarvan de laatste grote 1,5 miljard jaar geleden plaats vondt.

Het reflectiespectrum van de meteoriet lijkt op dat van de asteroïde Ryugu, waar de Japanse Hayabusa 2 toevallig vannacht nog naar afdaalde om een object op het oppervlak achter te laten. Hayabusa 2 nam in februari monsters van Ryugu die eind 2020 op Aarde gebracht worden in een capsule. Het gaat heel interessant worden om die monsters te vergelijken met de meteoriet uit Diepenveen.

Bronnen:

https://www.naturalis.nl/over-ons/diepenveen-meteoriet-heeft-overeenkomsten-met-planetoide-ryugu

https://www.bnr.nl/podcast/wetenschap-vandaag/10379503/het-verhaal-van-de-meteoriet-die-bijna-op-het-hoofd-van-een-boerenechtpaar-in-diepenveen-viel

Plannen voor NASA’s Artemis programma uiteengezet

Nieuws over NASA’s geplande Artemis maanprogramma volgt elkaar snel op. Er is al een planning. De eerste onbemande vlucht van een Orion ruimteschip om de maan in 2020 gaat Artemis 1 heten. De eerste bemande vlucht op een SLS wordt Artemis 2 in 2022. En Artemis 3 al moet een crew van drie astronauten, waaronder een vrouw, op de zuidpool van de maan neerzetten in 2024.

Vijf commerciële lanceringen moeten de Lunar Gateway tot stand brengen. En dat ruimtestation moet er op tijd zijn, want de astronauten van Artemis 3 moeten er over kunnen stappen van hun Orion ruimteschip naar een commerciële bemanbare maanlander.

NASA heeft 11 bedrijven geselecteerd die onderdelen kunnen leveren voor de Lunar Gateway, voor de lancering van modules en voor een bemanbare maanlander. Onder deze bedrijven zijn Boeing, Lockheed Martin, Blue Origin en SpaceX. Het bedrijf Maxar Technologies heeft deze week het contract gewonnen om de module voor aandrijving en energievoorziening te leveren. De module zal ionenmotoren hebben voor de aandrijving.

 

Maar het is niet allemaal positief nieuws. De Division for Planetary Sciences (DPS) van de American Astronomical Society (AAS), noemde het Artemis programma “vaag gedefinieerd en ongetest”. Ze maken zich zorgen dat NASA te weinig budget krijgt en dat NASA, om de deadline dan toch te halen, zal snijden in haar wetenschappelijke programma’s. Ook heeft deze week NASA’s speciale assistent voor het maanprogramma de organisatie verlaten. Deze topfunctionaris, Mark Sirangelo, was nog maar zes weken geleden begonnen aan zijn functie.

 

Bronnen:

https://www.nasa.gov/press-release/nasa-awards-artemis-contract-for-lunar-gateway-power-propulsion

https://www.reuters.com/article/us-space-exploration-nasa/nasa-executive-quits-weeks-after-being-named-to-lead-moon-initiative-idUSKCN1SU0A5

http://www.leonarddavid.com/space-science-groups-at-odds-with-nasa-artemis-moon-plan/

https://www.nasa.gov/press-release/nasa-taps-11-american-companies-to-advance-human-lunar-landers/

https://phys.org/news/2019-05-nasa-unveils-artemis-moon-mission.html

 

NASA’s bemande maanprogramma gaat Artemis heten

NASA’s missie om mensen terug op de maan te brengen, gaat Artemis heten. De plannen om dit te verwezelijken beginnen enigszins te materialiseren. De gigantische SLS raket zal nog steeds nodig zijn. Die is nodig om de Lunar Gateway, een ruimtestation in een baan achter de maan, te leveren. De hoop is dat commerciele partijen vrachten naar de Lunar Gateway kunnen leveren en ook een bemanbare maanlander. In 2028 wil NASA dan een permanente maanbasis gaan bouwen.

NASA directeur Jim Bridenstine heeft wel 1,6 miljard dollar extra gevraagd voor het budget van 2020 en mogelijk moet er in de jaren daarna elk jaar zo’n 6 tot 8 miljard bij. Dat wordt echter nog niet hardop uitgesproken. NASA heeft sinds het Apollo project er niet meer zoveel bij gehad. Het is maar de vraag of de Democraten mee willen werken aan het plan.

Verder moet de flink vertraagde SLS raket op tijd door Boeing en andere leveranciers geleverd worden. Dat geldt niet alleen voor de eerste SLS raket. De SLS raketten in de jaren daarna moeten ook op tijd geleverd worden, anders haalt NASA de eerste bemande landing op de maan in 2024 zeker niet.

artemis_plan_2019.jpg
Een planning van NASA om in 2024 opnieuw mensen op de maan te laten landen en om in 2028 een maanbasis te bouwen.

De Planetary Radio podcast interviewde deze week NASA directeur Jim Bridenstine, waarin hij de plannen voor Artemis ontvouwd.

 

Bronnen:

https://arstechnica.com/science/2019/05/nasas-full-artemis-plan-revealed-37-launches-and-a-lunar-outpost/

http://www.planetary.org/multimedia/planetary-radio/show/2019/0522-2019-2019-jim-bridenstine.html

De maan krimpt en maanbevingen vinden vermoedelijk nog plaats

De maan krimpt en daarom vinden er nu nog steeds maanbevingen plaats, mogelijk tot 5 op de schaal van Richter. Dat blijkt uit onderzoek naar metingen van seisometers die door de Apollo missies geplaatst zijn. Dat er seismische activiteit is geweest, dat wisten we al. Maar men ging er van uit dat de bevingen vrij gering waren.

Hoe komt het dat we nu pas geleerd hebben dat die maanbevingen krachtiger zijn en dat de maan krimpt? Dat komt omdat wetenschappers nu een algoritme gebruikt hebben om met een seismisch netwerk van weinig instrumenten, zoals die van Apollo, toch de lokatie van een beving te kunnen vinden. En ze vonden dat 8 van 28 ondiepe bevingen binnen 30 km afstand van op foto’s gevonden breuklijnen voorkwamen.

Zes van de 8 bevingen bij die breuklijnen vonden plaats toen de maan zich op haar verste punt in haar baan om de Aarde bevond. Op dat moment is de spanning als gevolg van getijdewerking op de maan het hoogst. Dat de maan krimpt blijkt uit het soort seismische activiteit.

Seismometers werden geplaatst op de Apollo 11, 12, 14, 15 en 16 missies. Die van Apollo 11 viel na 3 weken uit. De metingen geplaatst op de andere Apollo missies werden gevolgd tot in 1977, toen ze uitgezet werden. Apollo 17 astronauten Gene Cernan en Harrison Schmitt reden bovendien met hun Lunar Rover langs een klif (“Lee-Lincoln fault scarp”) die vermoedelijk ontstaan is als gevolg van het krimpen van de maan.

 

Bronnen:

https://www.nasa.gov/press-release/goddard/2019/moonquakes