Webinar op 19 december

Op zaterdag 19 december organiseren wij een online Webinar! 
Om deel te nemen kunt u op de onderstaande link klikken op 19 december kort voor aanvang:

Tijdens deze webinar is het mogelijk om via een chat venster vragen te stellen.

Het programma is als volgt:

20.00 – 20.10   Opening en welkomstwoord voorzitter.
20.10 – 20.30   Welke telescoop voor planeetwaarnemingen: Martin van Ingen
20.30 – 20.50   Waarneemresultaten afgelopen seizoen: Jan Adelaar.
20.50 – 21.10   De bouw van een Dobsontelescoop: Bert Bogchelman.
21.10 – 21.30   Planeetfotografie met een Dobson telescoop op een volgplatform: Wilco Kasteleijn
21.30 – 22.00   Recente ontwikkelingen in het zonnestelsel – Marcel-Jan Krijgsman
22.00 uur       Sluiting

Geslaagde lancering Chang’e 5

De Chinese maan monstername missie Chang’e 5 is gisteravond met succes gelanceerd. Waar China normaal wat terughoudend is met live feeds van lanceringen, werden we gisteren om 21:30 getrakteerd op een Engelstalige live stream en uitstekende beelden van de liftoff van Chang’e 5.

De beelden van de lancering van Chang’e 5.

Chang’e 5 is nu vier dagen onderweg naar de maan. De landing wordt op zondagavond (29 november) om 20:30 verwacht. Het is dan “ochtend” in Oceanus Procellarum. Voordat de zon onder gaat, 14 dagen later, moet de lander monsters verzameld hebben en moet de opstijgmodule met die monsters vertrokken zijn naar een baan rond de maan.

Bronnen:

Vanavond lancering maan missie Chang’e 5 gepland

Vanavond, ergens tussen 21:00 en 22:15 (mogelijk om 21:25) staat de lancering van een nieuwe Chinese maanmissie op een Lange Mars 5 raket gepland. Deze missie, Chang’e 5, moet iets gaan doen, wat al sinds 1976 niet meer gedaan is. Het moet een monster van de maan terug brengen naar Aarde. Dat vraagt om een behoorlijk complexe missie.

De stappen om een monster van de maan terug te brengen naar Aarde met Chang’e 5. (Afbeelding: Loren Roberts van de Planetary Society)

Het ruimteschip bestaat uit maar liefst 4 onderdelen. De service module blijft in een baan rond de maan draaien. Er is een lander en een opstijgmodule die monsters weer in een baan rond de maan kan brengen. En er is een terugkeercapsule waarin de monsters kunnen afdalen door de atmosfeer van Aarde. De lander moet in de vroege maan-ochtend landen in Oceanus Procellarum, om precies te zijn, in de buurt van de vulkanische berg Mons Rümker. Het is nog niet bekend welke maan-ochtend de landing plaats moet gaan vinden. De lander heeft een mechanische schep en een boor die 2 meter diepe monsters kan aanboren. Tesamen moet er 2 tot 4 kg aan monster verzameld worden.

Chang’e 5 (China Space News)

Nog voor het einde van de maan-dag, 14 dagen later, moet de opstijgmodule met de monsters lanceren en in een baan rond de maan komen. Daar moet een onbemande rendez-vous en koppeling plaats vinden met de service module. De monsters worden over gebracht in de terugkeercapsule. De service module zal koers zetten naar Aarde, waarna de monsters in de terugkeercapsule moeten landen bij Siziwang Banner, in Binnen-Mongolië in het noorden van China. In dit gebied landden ook de bemande Shenzhou capsules.

Mons Rümker, gefotografeerd op Apollo 15 (NASA)

Als het lukt, brengt Chang’e 5 hiermee de jongste maanmonsters die ooit zijn teruggebracht. Het gesteente dat de Apollo astronauten meebrachten is 3,1 tot 4,4 miljard jaar oud. Het gebied rond Mons Rümker wordt veel jonger geacht: 1,2 miljard jaar oud. Dit kan ons vertellen over de recentere geschiedenis van de maan. Het kan wellicht de vraag beantwoorden waarom de maan nog zo lang vulkanisch actief was.

De lander is tevens voorzien van de nodige camera’s, een grondradar en een spectrometer om de samenstelling van de bodem te meten.

Mogelijk wordt de lancering van Chang’e 5 hier live uitgezonden:
http://app.cctv.com/special/cportal/newlive/index.html?id=LivenqZp1pSH0dQ7opusftag201122

Er is ook een live Youtube kanaal, dat nu al uitzendt:

Bronnen:

https://www.nature.com/articles/d41586-020-03064-z

https://www.patreon.com/posts/change-5-lunar-43869582

https://www.planetary.org/space-missions/change-5

Coverfoto: DR

Zit er nu wel of geen fosfine in de atmosfeer van Venus?

In september kwam het grote nieuws naar buiten dat er fosfine was gevonden in de atmosfeer van Venus. Fosfine is een gas dat een mogelijk biologische oorsprong heeft. Het team dat de ontdekking deed, was daar overigens vrij voorzichtig over in hun beweringen. De aanwezigheid van fosfine wees op nieuwe chemie (niet eens zo gek in de extreme omgeving van Venus) of een biologische oorsprong. Maar er werd op gewezen dat betere metingen nodig waren om dat uit te wijzen.

Sinds de bekendmaking is de ontdekking van fosfine in twijfel getrokken. Een maand na de aankondiging kwam een wetenschappelijk artikel uit dat de vondst van fosfine statistisch niet significant zou zijn. In dit artikel werd gewezen op een fout in de signaalverwerking op ALMA (Atacama Large Millimeter Array in Chili) gegevens. Een ander artikel zei dat het fosfine signaal ook verklaard kon worden door de aanwezigheid van zwaveldioxide (SO2).

Het microgolf signaal van ALMA voor bewerking (met een 12e graads polynoom).

Daarbij moet gezegd worden dat het detecteren van een stof in de atmosfeer van een andere planeet met microgolven niet slechts de kwestie is van het vinden van een piekje in een spectrum. Dit soort spectra zijn complex door de aanwezigheid van vele pieken en dalen van vele stoffen in de atmosfeer, die bovendien door allerei andere factoren beïnvloed zijn. Een team in Japan hielp met het achterhalen van het fosfine signaal op basis van een 12e graads polynoom. Bij zo’n wiskundige berekening is het erg oppassen dat je geen ruis aan ziet voor een signaal. Dus goed dat andere partijen na rekenen of zulke bevindingen kloppen.

Inmiddels is er weer een reactie op gekomen van Jane Greaves, die het onderzoeksteam naar fosfine in de atmosfeer van Venus leidde. Mogelijke valse signalen uit de data zijn verwijderd en het nieuwe artikel geeft aan dat er nog steeds een fosfine signaal is en dat het niet verklaard kan worden door zwaveldioxide. De concentratie fosfine is wel lager bijgesteld. Dit nieuwe artikel moet nog wel door de zogenaamde peer-review, een kritische review door andere wetenschappers.

Metingen van ruimtesondes

Echt uitsluitsel over het bestaan van fosfine zal waarschijnlijk pas komen door ruimtesondes die Venus bezoeken. De Europees-Japanse missie BepiColombo kwam onlangs langs Venus. BepiColombo heeft instrumenten die misschien fosfine zouden kunnen aantonen, maar de passage van 14 oktober was te kort dag om het onderzoeksprogramma er op aan te passen. Op 10 augustus volgend jaar zal de ruimtesonde veel dichter langs Venus komen: 552 km. Dat geeft de beste mogelijkheid voor deze Mercurius-missie om metingen te doen.

BepiColombo is ontworpen voor onderzoek aan Mercurius, een planeet die nagenoeg geen atmosfeer heeft. Mocht BepiColombo niet in staat zijn fosfine aan te tonen, dan zullen we moeten wachten op de Indiase Sukrayaan-1 missie. Onlangs aangekondigd dat deze in december 2024 gelanceerd moet worden. Sukrayaan-1 zal een radarinstrument hebben en een spectrometer in infrarood, ultraviolet en microgolven. De infrarood spectrometer zou fosfine misschien kunnen detecteren.

Het ontwerp van de Indiase Sukrayaan-1 Venus Orbiter (ISRO)

Glycine

Alsof er nog niet genoeg gaande is in de atmosfeer van Venus, werd ook nog een aminozuur, glycine, gevonden. Ook deze meting werd gedaan met ALMA. Glycine hoeft niets met leven te maken hebben. Het kan op niet biologische wijzen gevormd worden. Maar het is wel een bouwsteen van leven.

Bronnen:

https://arxiv.org/abs/2010.09761

OSIRIS-REx heeft voldoende monster verzameld, maar het verliest ook wat

In de nacht van dinsdag op woensdag heeft OSIRIS-REx een monster genomen van het oppervlak van de asteroïde Bennu. De tekenen zijn goed dat OSIRIS-REx een monster heeft weten te bemachtigen. Misschien zelfs een beetje te veel monster. Want de schijf waarin de monsters zijn opgevangen (het Touch-and-Go Sample Acquisition Mechanism (TAGSAM)) blijkt kleine monsterdeeltjes te “lekken”.

Het TAGSAM monsterhoofd lekt kleine deeltjes. (Animatie/foto’s: NASA)

Uit foto’s blijkt dat er ruim voldoende monster is verzameld. Maar grotere deeltjes die halvewege de mylar afdichting van het TAGSAM monsterhoofd zitten, houden dit nu open voor kleinere deeltjes. Oorspronkelijk zou OSIRIS-REx volgende week om zijn as gaan draaien om zo het monster te wegen. Nu lijkt dat geen goed idee. NASA wil in plaats daarvan snel het monsterhoofd opslaan in de capsule waarmee het monster in 2023 af moet dalen naar Aarde.

OSIRIS-REx verzamelde woensdagnacht een monster van het oppervlak van Bennu. (Beelden: NASA)

TAGSAM raakte woensdagnacht Bennu aan voor ongeveer 5 tot 6 seconden. Toen TAGSAM neerkwam verpulverde het wat rotsen die onder TAGSAM zaten. De rotsen op Bennu zijn zeer poreus en breken zelfs al door de temperatuurwisselingen door de snelle rotatie van Bennu (elke 4,3 uur).

Video van het vluchtleidingscentrum op het moment van monstername.

Bronnen:

https://www.asteroidmission.org/?latest-news=osiris-rex-tags-asteroid-bennu

https://www.asteroidmission.org/?latest-news=nasas-osiris-rex-spacecraft-collects-significant-amount-of-asteroid-bennu

Vannacht neemt OSIRIS-REx een monster van Bennu

Vannacht rond 0:10 zal OSIRIS-REx een monster nemen van de asteroïde Bennu. Het zal daarvoor afdalen naar het oppervlak, zijn robotarm uitsteken en met een cilindervormige schijf het oppervlak aanraken. Door die schijf (Het Touch-And-Go Sample Acquisition Mechanism of TAGSAM) wordt dan stikstof geblazen, waardoor stof en steentjes worden meegenomen, in de opslagkamer van TAGSAM.

Onmiddelijk daarna zal OSIRIS-REx zich uit de voeten maken. Hoe voorzichtig OSIRIS-REx ook te werk gaat, er zal allerlei stof en gesteente rondvliegen en het is het beste na de monstername niet te lang in de buurt te blijven.

Foto’s zullen moeten uitwijzen of de monstername gelukt is. Ook zal OSIRIS-REx later om zijn as ronddraaien om het gewicht van het monster te bepalen. Als het te weinig materiaal is, dan heeft TAGSAM nog twee stikstofladingen om nieuwe monstername pogingen uit te voeren. In september 2023 zal OSIRIS-REx een capsule afwerpen richting Aarde, die dan in een woestijn in Utah zal landen.

De monstername wordt uitgezonden via NASA TV en er zijn diverse andere websites (zoals de Planetary Society en Cosmoquest) die de uitzending delen, al of niet met commentaar. De uitzending van NASA TV begint om 23:00. Bevestiging van de touchdown wordt verwacht om 0:10.

Bronnen:

https://www.nasa.gov/press-release/update-nasa-to-broadcast-osiris-rex-asteroid-sample-collection-activities

https://www.planetary.org/articles/your-guide-to-the-osiris-rex-sample-collection

Juno missie gaat mogelijk Jupiters manen bezoeken

Als de plannen van NASA’s Juno team goedgekeurd worden, dan gaat Juno in de komende jaren langs de manen van Jupiter vliegen. Juno doet sinds het in een baan rond Jupiter kwam in 2016 onderzoek naar de binnenkant van Jupiter. En dat onderzoek is geslaagd. We weten inmiddels dat Jupiter ooit door een grote protoplaneet geraakt is. De kern is daardoor nog altijd “pluizig” en niet scherp omrand. De kern is met andere woorden goed door elkaar geschud.

Volgend jaar houd de huidige missie van Juno officieel op. Het Juno team heeft een plan ingediend voor een vervolg van juli 2021 tot september 2025. In die tijd moet Juno meerdere keren langs Jupiters grote manen vliegen. In de zomer van 2021 al vliegt Juno op 1000 km langs Ganymedes. En eind 2022 vliegt de ruimtesonde op slechts 320 km langs Europa. Ook zal Juno twee keer langs de vulkaanmaan Io vliegen op ongeveer 1500 km afstand.

Wat zal Juno’s bijdrage zijn aan het onderzoek naar deze manen? Uiteraard zullen de manen in beeld gebracht worden met JunoCam. De resolutie zal niet beter zijn dan wat NASA’s Galileo sonde heeft gefotografeerd, maar we zullen wel veranderingen op het oppervlak kunnen zien. De microgolf radiometer kan de dikte van het ijs meten. Met de spectrometer zouden concentraties van waterijs, kooldioxide en organische moleculen in beeld gebracht kunnen worden. En diverse instrumenten zouden ook geiserpluimen kunnen detecteren. Een mooi voorproefje voordat de Europa Clipper missie gelanceerd wordt in 2024. Die zou in 2030 bij Jupiter moeten aan komen.

Eind vorig jaar vloog Juno al eens in de buurt van Ganymedes, op 100.000 km afstand. (Foto: NASA/JPL-Caltech/SwRI/ASI/INAF/JIRAM)

Bij Ganymedes kan Juno bovendien de magnetosfeer in 3D in kaart brengen. Ganymedes is de enige maan met een magnetosfeer. Bij Io kan Juno eventuele magma oceanen kunnen vinden. Tenslotte zal ook onderzoek gedaan worden aan de ringen van Jupiter.

En dit is eigenlijk allemaal mogelijk omdat Juno in 2016 niet in zijn juiste baan kwam. Juno draaide eerst in 53 dagen rond de grootste planeet van ons zonnestelsel. Daarna had de baan verlaagd moeten worden zodat Juno elke 14 dagen zijn laagste passage zou maken. Maar er waren problemen met Juno’s raketmotor en het team besloot het risico niet te nemen om deze nog eens te ontbranden. Door Juno’s hogere baan kostte het meer tijd om de wetenschappelijke gegevens te verzamelen, maar is Juno’s elektronica minder bloot gesteld aan Jupiters sterke stralingsveld. En dus kan de missie dus nog even door. Eind dit jaar zullen we weten of budget vrij komt voor deze uitgebreide missie.

Bron:

https://spaceflightnow.com/2020/10/12/juno-team-planning-close-flybys-of-jupiters-moons/

Coverfoto: NASA/JPL-Caltech/SwRI/MSSS/Kevin M. Gill (CC-BY)

Materiaal van Venus mogelijk te vinden op de maan

Misschien gaan toekomstige astronauten op de maan wel op zoek naar Venus. Een nieuwe studie zegt dat het mogelijk is dat gesteente van Venus door inslagen van asteroïden het zonnestelsel in geslingerd is.

Laten we wel zijn: op Venus met zijn huidige atmosfeer is de kans dat gesteente van het oppervlak zijn weg vind naar onze maan nihil. De atmosfeer van Venus (90 keer de atmosferische druk van de Aard-atmosfeer op zeeniveau) is simpelweg te dicht, of je hebt een heel grote asteroïde nodig. Maar de aanwijzingen stapelen zich op dat Venus vroeger een Aards klimaat had en dat de atmosfeer veel minder dicht was.

Wetenschappers hebben doorgerekend of het überhaupt mogelijk is dat als in het verleden een asteroïde insloeg op Venus, dat materiaal dan op de maan terecht gekomen zou kunnen zijn. Voor de studie zijn ze uitgegaan van een Venus met een Aard-achtige atmosfeer. Ze zijn er ook van uit gegaan dat asteroïden die bij Venus komen, een hogere snelheid hebben. Want vanuit de asteroïdengordel is meer energie nodig om de baan van Venus te bereiken.

Uit computermodellen blijkt dat op deze manier genoeg materiaal de invloed van de zwaartekracht van Venus kan verlaten. En zo’n 0,07% van het gesteente zou de maan kunnen bereiken. Ze onderzochten ook of het gesteente van Venus de schok van de inslag op de maan zou kunnen overleven. Venus-meteorieten die door de hitte van de inslag van samenstelling veranderen, zijn minder interessant. De studie toont aan dat het goed mogelijk is dat er materiaal is dat de inslag overleeft zonder te heet te worden. Beter nog als het gesteente onder een lage hoek inslaat.

Er is een reden waarom wetenschappers zeer geïnteresseerd zijn in materiaal van Venus. Zozeer dat er zelf al nagedacht is over een sample return missie naar onze zusterplaneet. En dat is bepaald geen eenvoudige zaak. Maar gesteente van Venus zou ons kunnen uitleggen uit welk materiaal de binnenplaneten zijn opgebouwd. Ook zou het uitsluitsel kunnen geven of de maan ontstaan is door de inslag van een Mars-achtige protoplaneet op Aarde.

Heel misschien hebben we zelfs al materiaal van Venus in monsters die Apollo heeft meegebracht. Maar anders is het wachten op de aangekondigde onbemande en bemande maanmissies, zoals de Chinese Chang’e landers en NASA’s Artemis programma.

Bronnen:

https://news.yale.edu/2020/10/07/looking-pieces-venus-try-moon

https://arxiv.org/abs/2010.02215

Coverfoto: NASA/JPL

Oude Venus-sonde vond mogelijk ook fosfine

Twee weken geleden werd bekend gemaakt dat fosfine in de atmosfeer van Venus is gevonden en dat dit mogelijk een biologische oorsprong heeft. Dit maakte nogal wat los in de wetenschap. Kwam er eerst bijna geen geld los voor Venus-missies, nu wordt er druk gespeculeerd over wat we naar Venus moeten sturen om eventueel leven in de atmosfeer aan te tonen. Het bedrijf RocketLab deelde al een impressie van een mogelijke Venus missie gebaseerd op hun standaard satellietontwerp Photon, compleet met afdalingssonde.

Eerst willen wetenschappers echter zien dat fosfine aangetoond wordt op een andere manier dan met radio spectra. Dit om te voorkomen dat we iets over het hoofd zien in de interpretatie van die gegevens. Maar wat als we nou eens al fosfine gevonden hebben met oude atmosferische sondes? De Pioneer-Venus stuurde in 1978 maar liefst 4 sondes de atmosfeer van Venus in. Een ervan, de grootste van de vier, had een instrument bij zich, genaamd Large Probe Neutral Mass Spectrometer (LNMS). Met dit instrument werd de samenstelling van de atmosfeer gemeten vanaf een hoogte van 67 km tot op het oppervlak.

De grootste sonde van de Pioneer-Venus Multiprobe missie. (Credits: NASA)

Massa spectrometers zijn instrumenten waarin molekulen in een monster worden geioniseerd. Molekulen worden in feite in stukken gebroken en die stukken hebben een elektrische lading (ionen). Daarna wordt het monster versneld en door een magnetisch veld geleid. De baan van lichtere ionen wordt meer afgeleid dan zwaardere ionen en zo komen we te weten hoe zwaar ze zijn. Op die manier hoop je te kunnen achterhalen wat de oorspronkelijke molekulen waren.

Wetenschappers hebben die de oude gegevens van dit instrument nog eens bekeken, speciaal de gegevens die verzameld zijn op 50 tot 60 km hoogte. Destijds werd er niet eens gedacht aan de mogelijkheid dat zulke stoffen in de atmosfeer zouden kunnen bestaan. En de detectie van fosfine was bovendien gemakkelijk over het hoofd te zien.

Na hernieuwd onderzoek zeggen wetenschappers dat er een “verleidelijke mogelijkheid” is, dat er fosfine gevonden is. Niet alleen fosfine zelf, maar ook de fragmenten van fosfine die je zou verwachten met een massa spectrometer te vinden. Ze zeggen verder dat het er op lijkt dat de aanwezigheid van chemische stoffen uit balans is op deze hoogte in de atmosfeer. Precies zoals je zou verwachten als er leven in de atmosfeer is, of ten gevolge van chemische reacties die ons nog niet bekend zijn.

Analyse van de Pioneer-Venus gegevens (Credits: Rakesh Mogul et al.)

Dit zou kunnen betekenen dat de onlangs gedane metingen geen kortstondige afwijking waren, maar dat het fosfine in ieder geval al 40 jaar in de atmosfeer van Venus zit. Toch is nog niet iedereen overtuigd. Zo zou de concentratie fosfine in de gegevens van Pioneer-Venus veel hoger zijn dan de concentratie die twee weken geleden gemeld is. Maar nog niet alle gegevens van Pioneer-Venus zijn onderzocht. Er is nog veel meer te vinden op microfilm. Die data is niet gedigitaliseerd en vanwege COVID-19 kunnen de wetenschappers nu niet zomaar toegang krijgen. Die toestemming hopen ze echter wel deze week te regelen.

Wetenschappers zijn daarnaast op zoek naar nog meer oude datasets. De metingen van de Venera sondes van de Sovjet Unie zijn er waarschijnlijk niet gevoelig genoeg voor. En het is niet bekend waar die gegevens zijn opgeslagen. Ook oude infrarood telescoop gegevens van Venus worden nu onderzocht. In de nabije toekomst komen de Europese BepiColombo, de Solar Orbiter en NASA’s Parker Solar Probe ook langs Venus. Wellicht dat die nog kunnen bijdragen met nieuwe metingen.

Bronnen:

http://www.leonarddavid.com/decades-old-data-backs-phosophine-detection-in-clouds-of-venus-sign-up-for-signature-of-life/

https://www.scientificamerican.com/article/a-nasa-probe-may-have-found-signs-of-life-on-venus-40-years-ago/

https://avs.scitation.org/doi/10.1116/1.570059

Coverafbeelding: NASA

Tianwen-1 op weg naar Mars op de foto gezet

De Chinese missie Tianwen-1 had een klein satellietje bij zich met twee camera’s met groothoeklenzen, waarmee de ruimtesonde op de foto is gezet. Terwijl de kleine satelliet afgeworpen werd, maakte het een foto per seconde en zo werd Tianwen-1 zelf op de foto gezet. De foto’s werden doorgezonden via WiFi. Vandaag werden de foto’s vrijgegeven ter gelegenheid van de 71ste verjaardag van Volksrepubliek China.

De witte capsule van Tianwen-1 bevat de rover die in april volgens jaar moet landen op Mars. (Foto: CNSA)

Tianwen-1 moet februari volgens jaar in een baan rond Mars komen. Aan boord is een landingsplatform met rover die op 23 april moet landen in het gebied genaamd Utopia Planita.

Ander nieuws uit China

Onlangs kwam er nog meer ruimtevaartnieuws uit China. Tijdens een groot ruimtevaartcongres twee weken geleden werd aangekondigd dat de plannen voor China’s maanraket Lange Mars 9 op de .. lange baan zijn geschoven. In plaats daarvan wil China een raket ontwikkelen die minder leunt op grote doorbraken in technologie.

Ze werken nu aan de Lange Mars-FH, een Falcon Heavy-achtige raket met drie boosters met elk 7 YF-100K raketmotoren. Deze raketmotor wordt al gebruikt op de Lange Mars 5 en 7. Deze raket moet 25 ton naar de maan kunnen brengen. Deze booster moet een nieuw bemand ruimteschip naar de maan kunnen brengen. Ook het ontwerp van een maanlander, een ruimtestation rond de maan en een onder druk staande maanrover werden gedeeld.

Bronnen:

Weibo

https://forum.nasaspaceflight.com/index.php?topic=50963.0

Coverfoto: CSNA